Naar hoofdinhoud Naar footer

‘Omdenken belangrijk bij toepassing Wet zorg en dwang’

Gepubliceerd op: 15-11-2021

Vanaf januari 2020 is de Wet zorg en dwang (Wzd) van start gegaan. Hoe gaan zorginstellingen hiermee om en wat kwam er allemaal op hen af? Wij vroegen verschillende instellingen hun ervaringen en tips te delen. Deze keer vertellen Tineke Prins, locatiemanager, en Sander Rouwendaal, begeleider en projectleider Wet zorg en dwang, over hun werkwijze op de Jakweide, een locatie van Gemiva-SVG Groep waar mensen wonen met een verstandelijke beperking, moeilijk verstaanbaar gedrag en psychiatrische problematiek.

'Je zou de Jakweide gerust een voorloper kunnen noemen. In de visie van de organisatie is stevig verankerd dat cliënten zo veel mogelijk de regie over hun eigen leven hebben. Hoewel we ook eerder al ons best deden om vrijheidsbeperkende maatregelen zo weinig mogelijk toe te passen hebben we op de Jakweide 5 à 6 jaar geleden stevig ingezet om de onvrijwillige zorg zo ver als mogelijk terug te dringen. We begonnen met de vraag: wat voor vrijheidsbeperkende maatregelen zetten we nu in en hoe kunnen we dat afbouwen?’ vertelt Tineke Prins. ‘We keken bijvoorbeeld hoe we gedragsmedicatie en andere maatregelen, zoals het afsluiten van deuren, konden afbouwen.’

Gewenningsproces

Prins: ‘Een belangrijk onderdeel van het succesvol afbouwen van medicatie is dat je cliënten laat wennen. Als iemand naar de tandarts moet, vraag jezelf dan af, of je premedicatie moet geven om iemand rustig te krijgen. In het gewenningsproces is het belangrijk dat je cliënten langzaam laat wennen aan veranderingen. Zo stuurden we een client geregeld naar de mondhygiënist zodat hij kon wennen aan het idee dat iemand in zijn mond keek.’

Cliënt krijgt zoveel mogelijk vrijheid

In de Wet zorg en dwang speelt het principe van ‘Nee, tenzij’ een belangrijke rol. Dat betekent dat onvrijwillige zorg in principe niet mag worden toegepast, tenzij er sprake is van ernstig nadeel voor de cliënt of zijn omgeving. Op de Jakweide wordt al lang volgens dit uitgangspunt gewerkt. ‘We stellen de cliënt centraal en geven hem of haar zoveel mogelijk vrijheid,’ vertelt Sander Rouwendaal. ‘Het mooie aan de nieuwe Wet zorg en dwang is dat je áltijd op zoek gaat naar een minder ingrijpend alternatief en altijd kijkt of de toepassing van onvrijwillige zorg voorkomen kan worden.’ 

Weten wát onvrijwillige zorg is

Hoe zorg je dat organisaties en zorgverleners volgens de principes van de Wet zorg en dwang gaan werken? Rouwendaal: ‘Het is belangrijk dat je fundering op orde is. Zorg er dus voor dat medewerkers weten wat wel en niet onvrijwillige zorg is. Pas als ze daarvan doordrongen zijn kun je verder. Veel mensen staan er bijvoorbeeld niet bij stil dat het sluiten van kastdeuren al een vorm van onvrijwillige zorg kan zijn. Ook al is het gedaan met de beste intenties.’

‘Om bij medewerkers tussen de oren te krijgen hoe je met onvrijwillige zorg omgaat, organiseren we scholingen voor artsen en gedragsdeskundigen en informatiebijeenkomsten voor bijvoorbeeld wettelijk vertegenwoordigers. Daarnaast hebben we een e-learning, die we verplicht gesteld hebben, waarin alle begeleiders leren wát onvrijwillige zorg is en hoe je met onvrijwillige zorg werkt.’

Ouders meenemen in besluitvorming

Prins: ‘Wij hebben hier natuurlijk veel te maken met ouders. Zij zijn vaak de wettelijk vertegenwoordiger van de cliënt. Soms hebben zij nogal moeite met het afbouwen van bepaalde maatregelen. Zo vinden zij het soms niet goed dat de deur niet meer op slot zit.

Op speciale thema-avonden leggen ze bij Gemiva-SVG uit wat de denkwijze van de organisatie is. ‘We leggen uit dat er een wisselwerking zit tussen de wil van de cliënt en de wil van de vertegenwoordiger. Het is belangrijk dat er een balans zit tussen veiligheid en vrijheid,’ vertelt Prins. ‘Ouders neigen soms vooral naar veiligheid. Terwijl bij ons de vrijheid van de cliënten voorop staat.’ 

Omdenkknop

'De overgang naar de nieuwe Wet zorg en dwang betekent voor veel mensen een versteviging van onze denkwijze. Ook bij Gemiva-SVG hebben we die transitie moeten maken,’ legt Prins uit. Hoe deed ze dat? ‘Ik gebruikte bij overleggen met begeleiders en gedragsdeskundigen een 'Omdenkknop'. Zodra iemand over een maatregel zei 'dit kan niet', drukte ik op die knop. Zo zorg je ervoor dat mensen denken in oplossingen in plaats van belemmeringen. Er zijn altijd oplossingen voor handen.’

‘Omdenken maakt een heel belangrijk onderdeel uit van onze bedrijfscultuur. Daar zijn medewerkers van doordrongen en daar gaan anderen dus ook in mee. Het praktisch handelen staat altijd centraal.’

Durf fouten te maken

Cliënten zoveel mogelijk vrijheid geven, betekent ook dat een cliënt een keuze mag maken die jij als begeleider wellicht niet had gemaakt. ‘Maar het is belangrijk dat je fouten mág maken,’ vertelt Rouwendaal. ‘Zo hebben wij op de Jakweide cliënten die soms keuzes maken die voor begeleiding soms moeilijk te begrijpen zijn. Natuurlijk geven wij begeleiding en informatie bij het maken van dergelijke keuzes, maar we houden de cliënt niet tegen waar dit niet mag.’

Rouwendaal deelt tot slot nog een leuke anekdote: ‘Bij een evaluatie kregen wij als feedback dat het opvallend is hoe vrij wij cliënten in sommige situaties laten. Ik beschouw dat als een groot compliment. Ik behandel iedere client als een gelijke en neem ze altijd serieus. Alleen dat zorgt er al voor dat cliënten hier begrepen worden.’